Inzendingen

TheClimateWall | groen waar geen grond is

Gebouwen versterken de effecten van klimaatverandering. Regenwater van daken zorgt voor piekbelasting op het riool. Gevels warmen op in de zomer en stralen die warmte weer af. Vooral voor inwoners van steden vormt dit een groeiende uitdaging. Hoe gaan we als bewoners om met deze grote veranderingen met een beperkt individueel handelingspectief? TheClimateWall maakt van de nood een deugd. Het blauw-groene gevelsysteem vangt regenwater op, en verdampt dit het met plantjes die in een opstelling voor gevels of schuttingen groeien. Met enkel een aansluiting op een regenpijp is voor ieder dak een configuratie mogelijk zodat alle plantjes het gehele jaar door water hebben. Geen stekkers, geen drinkwater, en onderhoudsarm. Het is dus geen groen gevelsysteem, maar een watersysteem dat groene meerwaarde oplevert. Water vasthouden voordat we het afvoeren, en dat gebruiken voor vergroening én verkoeling van gebouwen. Onze missie is de verloren sponswerking van de stad terugbrengen in de gevelzone van gebouwen. Juist op plekken waar op het maaiveld geen ruimte voor natuur meer is overgebleven. We beginnen op de versteende schoolpleinen. Daar is de nood hoog, en reikt de impact verder dan een individuele opstelling alleen. Leerlingen kunnen daar zien, en leren omgaan met natuurlijke processen die veranderen.

Thema

Welk probleem wil je oplossen en op welke oplossing richt jij je?

Het grootste deel van de gebouwen in de stad zijn privaat eigendom. Tussen de 88 en 94 procent van het dakoppervlak in Nederlandse stadscentra is in particulier of commercieel eigendom. Daarop heeft gemeentelijk klimaatbeleid moeizaam grip. De klassieke oplossing, water in de bodem laten infiltreren, kan juist niet op die plekken waar dit het hardst nodig is. Geen ruimte, slecht doorlatende grond, hoge grondwaterstand. Nergens is dat zo goed te zien als op een schoolplein. Eco-Schools, met 120 aangesloten scholen in Nederland, ziet het bij hun leden gebeuren. Scholen die heel graag willen vergroenen, bijvoorbeeld met een moestuin, maar daar de fysieke ruimte niet voor hebben. Over het belang van groen op schoolpleinen is genoeg over geschreven. Het punt is dat een deel van de scholen buiten de boot valt. Hoe voller de wijk, hoe kleiner het plein, hoe minder kans op een boom of een moestuin. Zo komen juist de leerlingen in de dichtste delen van de stad weinig levend groen tegen wanneer ze op school zijn. Vijf dagen per week, jarenlang. Wij zagen hetzelfde. In opdracht van de provincie Zuid-Holland plaatsten we opstellingen bij negen binnenstedelijke scholen met weinig tot geen ruimte voor groen op het schoolplein. Wat er horizontaal niet bij kan, kan sinds kort wel verticaal. Elk dak met een regenpijp wordt een bron voor nieuwe natuur, die ook op natuurlijke wijze groeit. Ook als het een lange periode erg warm en droog is. Groene daken en TheClimateWall zijn daarom geen concurrenten. Ze zijn elkaars boven- en onderkant. Is het dak plat, sterk en toegankelijk, dan is vergroening daar een logische stap, en de gevel wellicht secundair. Voor al die andere gebouwen blijkt nu in de praktijk veel mogelijk op het maaiveld, een zichtbare plek die veel belevingskwaliteit toevoegt.

Op welke wijze draagt dit bij aan de circulaire transitie?

Van afval naar bron. Onder de Omgevingswet is afvalwater alles waarvan de houder zich ontdoet. Afstromend regenwater van daken valt daar expliciet onder. Zodra het de regenpijp in gaat, is het juridisch reeds een afvalstof. Wij onderscheppen het ongeveer twee meter boven het maaiveld. Daarmee wordt hetzelfde water geen afval, maar een nieuwe bron. Gemaakt van gerecycled huisvuil. De opstellingen die we nu maken worden 3D geprint door 10XL met rPP, circulair kunststof uit huishoudelijk afval. Het systeem werkt bovendien volledig passief, zonder pompen, sensoren of elektronica. Dat maakt het geheel ook duurzaam in termen van levensduur. Meer functie per kilo. Bovengrondse wateropslag vraagt per definitie om materiaal. Kunststof is hiervoor het meest logisch. Waar regentonnen en ondergrondse infiltratievoorzieningen een enkele functionaliteit bieden (berging) levert TheClimateWall er vier. Berging, verkoeling door verdamping, natuurlijke begroeiing en een isolerende gevelbekleding.

Welke impact verwacht je dat dit project zal hebben?

Dit project gaat over twee dingen tegelijk: groen op plekken waar het nu niet kan, en leerlingen die leren dat ze hun eigen omgeving kunnen vormgeven. Voor de scholen waar we ons in eerste instantie op foccussen is het schoolplein volledig versteend. Wat daar vaak wel is, is een regenpijp en een gevel. Daarmee kunnen we vergroenen zonder dat er één tegel opgebroken hoeft te worden. Wat één vierkante meter oplevert: 36 plantjes, 175 liter waterbuffer, en op jaarbasis tussen de 500 en 750 liter verdamping van regenwater. Voor een zuidgevel moet het afvoerende dakoppervlak minstens twee keer zo groot zijn als het groenoppervlak. Die marge is er om ook een lange droge zomer door te komen. Met de inheemse plantjes van Cruydt-Hoeck ontdekken we welke planten het meest geschikt zijn voor versterking van de biodiversiteit, zodat elke wand ook een stepping stone in de stad wordt. Maar een wand alleen is niet genoeg, en dat is de kern van dit voorstel. De impact zit in de combinatie met een lesprogramma waarin leerlingen zelf bepalen waar het groen komt, zelf hun onderhoudsplan maken en dat ook uitvoeren. Zo blijft het groen leven, én ontstaat er iets wat een wand alleen nooit oplevert: eigenaarschap. Die combinatie is ook wat het verder kan brengen. Veel gemeenten, provincies en waterschappen dragen al financieel bij aan vergroening van schoolpleinen en aan het vasthouden van regenwater. Wat ontbreekt is een oplossing voor de scholen zonder ruimte, en een programmatische inpassing in het onderwijs. Gecombineerd aangeboden, kunnen scholen zelf die weg vinden. Dat is waar dit project op mikt: niet één groen schoolplein, maar een route die honderden scholen kunnen volgen. Er zit bovendien een langere lijn aan vast. Eco-Schools is geen Nederlands programma maar een internationaal netwerk van de Foundation for Environmental Education, actief in 67 landen met 51.000 scholen. Wat we hier ontwikkelen is in principe overdraagbaar naar elk land waar zomerse neerslag valt. Of en hoe dat kan, willen we samen met Eco-Schools verkennen zodra we in Nederland kunnen laten zien dat het werkt.

Waar sta je op dit moment? Welke impact heb je al gerealiseerd?

Het systeem is geen concept meer. Het staat, het werkt, en het wordt ondertussen onafhankelijk doorgemeten. • Vier jaar validatie bij The Green Village, het fieldlab van TU Delft. Vier volledige seizoenen, droge zomers inbegrepen. Daaruit komt de waterbalans die het systeem autonoom maakt, • Sinds 14 september 2026 een volle-schaalopstelling bij het Hoogheemraadschap van Rijnland in Leiden, TU Delft meet hier de komende jaren de verkoelende werking voor gebouwen met een koellast, • Geselecteerd als demoproject binnen De Vlaamse Waterwijzer, een consortium van VITO, VLARIO, Buildwise, en Embuild selecteerden het scholenproject vanwege de link tussen klimaat en educatie, • Financiering via het Water Innovatiefonds, beheerd door Nationaal Groenfonds. Een lening, verstrekt na beoordeling van onze businesscase, • Betalende opdrachtgevers: Hoogheemraadschap van Rijnland, gemeente Den Haag en gemeente Rotterdam, • Twee octrooiaanvragen op het Plug, Flow & Grow principe waarmee het passief en autonoom werkt, • Opstellingen bij negen onderwijsinstellingen, in opdracht van de provincie Zuid-Holland. Wat we op die schoolpleinen hebben geleerd is even waardevol als de metingen. Eén installatie werk inmiddels ruim drie jaar. Na de lange, droge & warme zomer dit jaar leefde het groen weliswaar nog wel. Maar de beplanting was slecht onderhouden. De techniek werkt dus autonoom, de planten niet helemaal. Die bevinding heeft de koers van dit voorstel bepaald. Een groener schoolplein dat ook leeft bij de leerlingen.

Waar zit volgens jou de innovatie van je project?

TheClimateWall is een nieuw blauwgroen gevelsysteem. De techniek is schaalbaar en past op iedere regenpijp. Plug, Flow & Grow: aansluiten, laten stromen, laten groeien. Op die werking rusten onze twee octrooiaanvragen. De innovatie van dít project zit in de koppeling. Op een binnenstedelijk schoolplein moet de fysieke ruimte voldoen aan modelverordeningen. De VNG-norm schrijft minimaal 3 m² verhard per leerling voor, speelruimte en fietsenstalling samen, met een minimum van 300 m². De ruimere norm uit het Kwaliteitskader van 2021, 5 m² per leerling waarvan 2 m² onverhard, wordt in de praktijk niet gehanteerd en kent een uitzondering voor stedelijk gebied. Elke meter die op zo’n plein groen wordt, gaat af van wat de school aan verharding moet hebben. Daarom komt vergroening moeizaam van de grond. En daarom werkt een gevel wel: die telt niet mee in die rekensom. Wat wij doen is dat systeem koppelen aan een lesprogramma en aan de budgetten die overheden al beschikbaar stellen voor vergroening en voor het vasthouden van regenwater. Zo ontstaat een nieuwe oplossing. Ook, maar niet uitsluitend, geschikt voor de meest versteende schoolpleinen van Nederland waar nu weinig kan. Die koppeling tussen fysiek en educatief is ook waarom het blijft werken. Onderhoudsarme techniek en regulier beheer van het groen door leerlingen.

Waar ga je het geld voor gebruiken?

Het fysieke systeem is reeds ontwikkeld. Wat we nog niet kunnen, is het onderwijsveld op een structurele manier bereiken. Daar is dit prijzengeld voor. Eco-Schools gaf ons daarbij het belangrijkste advies dat we tot nu toe hebben gekregen: als je dit naar het onderwijs wilt brengen, moet je scholen ontzorgen. Besturen en leerkrachten hebben geen tijd om uit te zoeken welke regeling bij hun situatie past, een aanvraag te schrijven en daarnaast ook nog lesmateriaal te ontwikkelen. Elk van die stappen is een drempel, die we nu willen wegnemen. Ons doel is dus geen product met een lesprogramma ernaast, maar één pakket. Hardware en lesmateriaal samen. Op een toegankelijke manier voorgelegd. Eerst geintroduceerd in het netwerk van Eco-Schools, met daarbij direct inzichtelijk voor welke financiering die school in aanmerking komt. Zo dicht mogelijk bij één reply: ‘leuk!’. Wat gaan doen: • Een bijzondere opstelling bij een school in Utrecht (max. €7.500 kostprijs). Een nader te bepalen school, fysiek dicht bij Eco-Schools, zodat er iets tastbaars staat om te bezoeken en omheen te werken. • Een lesprogramma, ontwikkeld door Koersmakers Educatie. Hun duurzaamheidsonderwijs draait om hoop door actie: dromen, denken, doen. Hoe ziet mijn ideale toekomst eruit? Wat moet daarvoor veranderen? En wat kan ik nú bijdragen om de eerste stap te zetten? Leerlingen werken aan echte uitdagingen van lokale pioniers en ontdekken zo dat er al mensen zijn die het compleet anders durven doen, en dat zij daar zelf ook aan kunnen bijdragen. Rond de opstelling betekent dat het volgende. Leerlingen worden meegenomen in het hele gebruik van de wand. Ze krijgen de vaardigheden en het vertrouwen om zelf te bepalen waar het groen het beste kan komen, ze ontwikkelen hun eigen onderhoudsplan en voeren dat uit. Ze denken daarbij na over barrières en over verschillende belangen. Zo ontstaat eigenaarschap: ze onderzoeken wat voor hén belangrijk is, en leren wat het is om zorg te dragen voor hun omgeving. Daarnaast kan een leerling de waterbalans van het eigen schooldak narekenen. Twee vierkante meter dak, één vierkante meter groen. Niet alleen les over het klimaat, maar ook een klimaatsysteem waar de klas mede-verantwoordelijk voor is. • Een aanbod voor de leden van Eco-Schools. Zij zijn de netwerkorganisatie die scholen kent en bereikt. Bij Eco-Schools wordt duurzaamheid verankerd in het schoolsysteem: groene oplossingen komen in het DNA van de school en van de leerlingen, gericht op de lange termijn in plaats van op één moment. Daardoor blijft het niet bij een feestelijke plantdag, maar worden de planten ook terugkerend onderhouden. De campagne laat bovendien meteen zien welke regeling de combinatie van wand en lesprogramma kan dekken, zodat een school niet zelf hoeft uit te zoeken of het past en of het betaald wordt. Die laatste twee stappen samen: €17.500, naar Koersmakers Educatie en Eco-Schools. Dat is het merendeel van het prijzengeld, en dat is geen vrijgevigheid maar noodzaak. Een leerlijn ontwikkelen die een school daadwerkelijk uitvoert, en 120 scholen bereiken met een aanbod dat ze begrijpen, zijn precies de twee dingen die wij niet kunnen en niet zelf kunnen financieren. Het moet geld zal drie dingen tegelijk doen. Impact maken bij de leerlingen, versteende schoolpleinen vergroenen, en zo eenvoudig worden aangeboden dat een school er ook echt gebruik van maakt. Dat derde punt is waar dit soort initiatieven meestal op stukloopt. Dit lost niet alles in één keer op. Het laat stap voor stap zien hoe klimaatadaptatie in de gevelzone vorm kan krijgen op een manier die schaalbaar is. Want klimaatadaptatie gaat om actie. Onder ogen zien dat de wereld van morgen er anders uit zal zien, en van daaruit ervaren dat je die toekomst zelf kunt vormen. Het onderwijs is daarvoor wat ons betreft de logische eerste plek om te beginnen.