Inzendingen

Nederlandse Vereniging Circulaire Economie (NVCE)

De huidige manier van produceren en consumeren put de aarde uit. De intensieve mijnbouw en winning van andere grondstoffen, zowel in Nederland als wereldwijd, tasten eco- en voedselsystemen aan. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) beschouwt grootschalige materiaalwinning als een belangrijke oorzaak van het wereldwijde verlies aan biodiversiteit, bodemverslechtering en vervuiling van waterbronnen. Volgens onderzoek van de Wetenschappelijke Klimaatraad is ten minste veertig procent van de Nederlandse klimaatimpact wereldwijd, direct te koppelen aan de productie van alledaagse goederen, materialen en voedsel. Bovendien gaat de wereldwijde winning van grondstoffen regelmatig gepaard met onveilige en mensonterende arbeidsomstandigheden. De ondernemers die deze economie kunnen veranderen, zijn er al. Zij ontwikkelen nieuwe materialen, producten, diensten en verdienmodellen waarmee we veel minder nieuwe grondstoffen nodig hebben en daarmee de druk op klimaat en natuur verminderen. Maar vrijwel iedere innovatie begint klein. Veel circulaire ondernemers worden beoordeeld op wat zij vandaag zijn, terwijl hun werkelijke waarde zit in wat zij morgen kunnen worden. Een beter alternatief wordt bovendien niet vanzelf de eerste keuze. De markt wordt mede bepaald door wat goedkoper is, wat overheden en bedrijven inkopen, welke eisen aan producten worden gesteld en welke kosten wel of niet in de prijs terechtkomen. Zolang die spelregels lineaire productie bevoordelen, moeten ondernemers die het anders doen tegen de stroom in concurreren. De missie van de Nederlandse Vereniging Circulaire Economie (NVCE) is om die spelregels te veranderen en circulaire ondernemers de ruimte te geven om door te breken. Onze 55 betalende leden en aangesloten branches vertegenwoordigen samen ruim 1.000 bedrijven. We bundelen hun stem, maken zichtbaar wat zij Nederland kunnen opleveren en vertalen knelpunten uit hun praktijk naar concrete voorstellen voor beleid en systeemverandering. Onze kracht zit in het bruggen bouwen tussen ondernemers, kennis, politiek en media. Zo werken we niet aan het opschalen van één bedrijf of één innovatie, maar aan de voorwaarden waaronder een hele groep circulaire ondernemers impact kan maken.

Thema

Welk probleem wil je oplossen en op welke oplossing richt jij je?

Circulaire ondernemers lopen tegen gedeelde systeembelemmeringen aan die zij individueel niet kunnen oplossen. Tegelijk bestaat er al veel kennis over wat nodig is om de circulaire economie te versnellen. De uitdaging is daarom niet om steeds opnieuw te onderzoeken wat er moet gebeuren, maar om bestaande kennis en ervaringen uit de praktijk te vertalen naar concrete systeeminterventies die daadwerkelijk tot andere spelregels en beleid kunnen leiden. Onze aanpak begint daarom bij de praktijk. We brengen ondernemers bij elkaar rond problemen waar meerdere circulaire bedrijven tegenaan lopen. Denk bijvoorbeeld aan een te kort aan financiële middelen of een gebrek aan vraag naar circulaire oplossingen. Samen met specialisten en ambtenaren die over deze onderwerpen gaan, brengen we bestaande kennis bijeen. We onderzoeken wat eerder is geprobeerd, waar het systeem vastloopt en waar ruimte zit voor verandering. Op basis daarvan ontwikkelen we concrete maatregelen die impactvol, uitvoerbaar en politiek kansrijk zijn. Maar een inhoudelijk goede oplossing is niet genoeg om spelregels te veranderen. Er moet ook urgentie ontstaan om ermee aan de slag te gaan. Daarom koppelen we onze voorstellen aan gericht onderzoek dat nieuwswaardige inzichten oplevert en aan concrete voorbeelden van ondernemers die laten zien wat verandering in de praktijk mogelijk maakt. We vertalen dit naar een eenvoudig verhaal, campagne en krachtige infographics en brengen het via media naar een breed publiek. Zo maken we van een probleem van circulaire ondernemers een maatschappelijk én politiek vraagstuk. Die aandacht zetten we vervolgens om in politieke beweging. We brengen de klaarliggende maatregelen gericht onder de aandacht van ambtenaren, Kamerleden en bewindspersonen en benutten momenten waarop verandering mogelijk is. Zo zorgen we dat ondernemerspraktijk, kennis, beleid, politiek en media elkaar versterken om systeemverandering mogelijk te maken.

Op welke wijze draagt dit bij aan de circulaire transitie?

Nederland heeft veel circulaire pioniers en innovaties, maar het systeem waarin zij moeten concurreren is onvoldoende mee veranderd. Circulaire koplopers komen daardoor in de knel, krijgen financiering niet rond of vallen om. Dat heeft gevolgen: Ook het kabinet constateert dat Nederland onvoldoende op koers ligt om de circulaire doelen voor 2030 te halen. Toonaangevende circulaire ondernemers uit verschillende sectoren vroegen Klaske Kruk daarom om een vereniging op te richten die hun gezamenlijke belangen zou vertegenwoordigen. Zij zagen dat het succes van hun eigen bedrijf niet alleen afhing van hun innovatie, maar vooral van structurele veranderingen in het systeem waarin zij moeten concurreren. Individueel of met hun branche kregen ze te weinig spelregels aangepast. Vanuit die behoefte is de NVCE ontstaan. Daarbij leren we bewust van de energietransitie. Ook duurzame energie begon met pioniers die moeilijk konden concurreren met het bestaande systeem. De versnelling kwam mede doordat het systeem veranderde: de overheid financierde de onrendabele top, regelgeving werd aangepast en er kwam meer investeringszekerheid en vraag. In tien jaar tijd verviervoudigde de hoeveelheid duurzame energie in Nederland; inmiddels is bijna 60% van onze elektriciteit hernieuwbaar. Door Olof van der Gaag, voorzitter van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE), aan ons bestuur toe te voegen, hebben we die ervaring aan de NVCE verbonden. De lessen uit de energietransitie passen we toe op de circulaire economie: organiseer de pioniers, bepaal gezamenlijk welke systeemveranderingen nodig zijn en werk gericht aan de financiering, regelgeving en marktvoorwaarden die opschaling mogelijk maken.

Welke impact verwacht je dat dit project zal hebben?

De potentiële impact op het klimaat is groot. Volgens de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR, 2026) veroorzaakt materiaalgebruik bijna 40% van de Nederlandse klimaatimpact wereldwijd. De WKR concludeert dat steviger circulair beleid nodig is om deze uitstoot terug te dringen en noemt als voorwaarden daarvoor onder meer effectieve beleidsinstrumenten, voldoende financiële middelen en betere toegang tot financiering voor circulaire ondernemers. De NVCE [Jv1.1]richt zich op het in beweging krijgen van deze systeemveranderingen. Dat doen we sector overstijgend, met de komende periode onder meer programma’s rond bouw, chemie/plastics en elektronica. De klimaatimpact die ontstaat wanneer marktvoorwaarden hierdoor veranderen, kunnen we niet volledig aan NVCE toerekenen. Wel kunnen we de potentiële hefboom inzichtelijk maken. De bouw laat de orde van grootte zien. Voor de Nederlandse bouw is de materiaalgebonden uitstoot bij ongewijzigd beleid geraamd op 113 miljoen ton CO₂ cumulatief tot en met 2030. Alleen al bouwtechnische circulaire strategieën kunnen daarvan naar schatting 17,9 miljoen ton, oftewel 15,8%, reduceren (Copper8, Metabolic, NIBE & Alba Concepts, 2024). Als systeeminterventies waaraan NVCE bijdraagt uiteindelijk slechts 5% van dit berekende reductiepotentieel helpen realiseren, komt dat overeen met circa 895.000 ton CO₂-reductie cumulatief tot en met 2030. Die 5% is een illustratieve aanname, geen voorspelling.[Jv2.1] Bouw is één voorbeeld. Dezelfde hefboom geldt voor andere materiaal intensieve markten waarin NVCE actief is: wanneer systeemveranderingen circulaire oplossingen in staat stellen marktaandeel te winnen, neemt de klimaatimpact van materiaalgebruik op grotere schaal af. Opgeteld over verschillende markten kan die impact aanzienlijk zijn. Die impact is breder dan klimaat (verlies aan biodiversiteit, bodemverslechtering en vervuiling van waterbronnen) alleen. Volgens de WKR (2026) maakt een circulaire economie Nederland ook minder afhankelijk van geïmporteerde grondstoffen en daarmee de economie weerbaarder.

Waar sta je op dit moment? Welke impact heb je al gerealiseerd?

Binnen anderhalf jaar na de oprichting op 20 maart 2025 staat de NVCE middenin het beleidsdebat. Ruim 55 ondernemers en koepelorganisaties sloten zich aan, samen goed voor een achterban van ruim 1.000 bedrijven. De instroom houdt aan. Een voorbeeld van wat we realiseerden: Nadat op Prinsjesdag vorig jaar bleek dat de publieke middelen voor de circulaire economie afnamen, onderzocht de NVCE samen met haar leden welke publieke financiering nodig is om circulaire bedrijven te laten opschalen. Die behoefte vertaalden we naar een concreet voorstel aan de overheid: investeer jaarlijks €1,5 miljard in de circulaire economie. Een brede coalitie van onder andere VNO-NCW, MKB-Nederland, Koninklijke Metaalunie, VNCI, FME, Jonge Klimaatbeweging en Natuur & Milieu sloot zich bij dit voorstel aan en pleitte samen met ons voor deze investering. Het voorstel leidde tot gesprekken met de twee verantwoordelijke ministers en tot vragen in de Tweede Kamer. Inmiddels werken meerdere ambtenaren samen met de NVCE aan de verdere uitwerking en heeft de minister toegezegd aanvullende financiering mee te nemen in de conceptbegroting voor volgend jaar. Eerder dit jaar pleitten we voor een minister met circulaire economie in de portefeuille en voor het heropenen van subsidieregelingen voor circulaire ondernemers. Inmiddels is er een minister verantwoordelijk voor circulaire economie en zijn ook de DEI+CE- en EKOO-regelingen weer opengesteld. Afgelopen anderhalf jaar bouwde de NVCE een stevige positie op tussen circulaire ondernemers, politiek en publiek debat: • We organiseerden 166 expertisebijeenkomsten voor beleidsmakers en politici, waarin de praktijk en belangen van circulaire ondernemers rechtstreeks ingebracht werden. • We voerden 7 onderzoeken uit, onder andere met TNO, en vertaalden de resultaten naar publieke campagnes. • 53 keer in landelijke en vakmedia, waaronder NOS, AD, NRC, NPO Radio 1, BNR, Trouw en Change Inc. Niet alleen met eigen onderzoek en standpunten: media weten NVCE ook steeds vaker zelf te vinden als inhoudelijke gesprekspartner. • Mede dankzij onze inzet kwam er een minister voor Circulaire Economie en werden meer dan 20 Kamervragen vanuit onze leden gesteld. • We organiseerden 35 kennissessies voor circulaire pioniers, waarin zij kennis en ervaringen deelden én een netwerk opbouwden van ondernemers die tegen dezelfde uitdagingen aanlopen. • We duidden meer dan 44 keer relevant nieuws en nieuwe wet- en regelgeving voor onze bijna 10.000 online volgers. • Zes leden kregen bezoek van Koningin Máxima en twee leden ontvingen Tweede Kamerleden, waarmee circulaire ondernemers en hun praktijk rechtstreeks onder de aandacht kwamen. • Het Congres Circulair Ondernemen, mede georganiseerd door de NVCE, trok 1.200 deelnemers. Onze leden ervaren daardoor dat ze er niet langer alleen voor staan. Door gezamenlijk een vuist te maken, krijgen circulaire ondernemers een sterkere stem en meer invloed op Nederlands en Europees beleid.

Waar zit volgens jou de innovatie van je project?

We presenteren circulariteit niet alleen als duurzaamheidsvraagstuk, maar als economische kans en aantrekkelijk alternatief voor de lineaire economie. We verbinden circulariteit aan verdienvermogen, leveringszekerheid en grondstoffenautonomie. Daarmee wordt het onderwerp relevant voor een bredere economische en politieke agenda en voor partijen die circulariteit niet primair vanuit klimaat of milieu benaderen. Ook de vereniging zelf werkt anders. De NVCE verenigt circulaire koplopers uit verschillende sectoren rond hun gezamenlijke belang in plaats van hun individuele bedrijfsbelang. Leden leveren actief kennis, praktijkvoorbeelden, netwerk en tijd. Wanneer een vraagstuk speelt, staan ondernemers en experts uit de achterban klaar om mee te denken en mee te doen. Zo is uit een kleine organisatie een veel grotere collectieve veranderkracht ontstaan. Juist die sector overstijgende organisatie geeft circulaire ondernemers een positie die zij afzonderlijk niet hadden. Waar individuele circulaire bedrijven en afzonderlijke brancheorganisaties moeilijk voet aan de grond kregen in Den Haag en de landelijke media, lukt het de NVCE om circulariteit als gezamenlijk economisch belang te agenderen. De stem van een brede groep ondernemers weegt zwaarder dan die van één bedrijf of sector en maakt zichtbaar dat dezelfde systeembelemmeringen op meerdere plekken in de economie spelen.

Waar ga je het geld voor gebruiken?

Ons doel is dat de NVCE uiteindelijk zoveel mogelijk wordt gedragen door haar eigen leden. Juist de circulaire pioniers die wij vertegenwoordigen, hebben het financieel vaak zwaar en betalen daarom veelal een lagere contributie van €1.000 per jaar. Ons contributiemodel groeit mee met hun succes: zodra bedrijven groter worden, stijgt hun bijdrage naar €3.000 en vervolgens in stappen verder. Grotere organisaties dragen via een partnerschap uiteindelijk tot wel €15.000 per jaar bij. De NVCE heeft in deze opbouwfase daardoor zelf een tijdelijke ‘onrendabele top’: we moeten nu de slagkracht organiseren om de markt voor circulaire ondernemers te verbeteren, terwijl zij die organisatie nog niet volledig kunnen dragen. De €25.000 van de Nationale Klimaatprijs gebruiken we om deze tijdelijke tussenfase te overbruggen en onze slagkracht verder uit te bouwen. Binnen de NVCE werken we met een klein kernteam en een sobere begroting. Het prijzengeld zetten we rechtstreeks in voor onze inhoudelijke en politieke inzet: belangenbehartiging, onderzoek en kennisontwikkeling en het zichtbaar maken van circulaire ondernemers en hun oplossingen.