Welk probleem wil je oplossen en op welke oplossing richt jij je?
Eiwitproductie voor voeding en diervoeding legt wereldwijd een grote druk op landgebruik, water en emissies, zoals geïmporteerde soja. Tegelijk wordt gras, hoewel overvloedig beschikbaar in Nederland, nu vrijwel uitsluitend rechtstreeks als ruwvoer ingezet, zonder de eiwitwaarde optimaal te benutten. Grassa lost dit op met een persproces (de “graspers”) dat vers gras verwerkt tot een plantaardig eiwitconcentraat en grasvezel. Die grasvezel gaat, in plaats van gras zelf, terug het ruwvoer in, met een gunstig neveneffect: koeien verteren de vezel efficiënter, wat hun stikstofuitstoot met circa 30% verlaagt. Dit laatste is zeer relevant om te helpen Nederland van het stikstofslot te halen en zuivel te verduurzamen.
Op welke wijze draagt dit bij aan de circulaire transitie?
Gras hoeft niet apart verbouwd te worden voor eiwitwinning: het groeit al op bestaand grasland dat nu vooral voor ruwvoer wordt gebruikt. Door er eerst eiwit (en FOS) uit te halen en de vezelrijke reststroom daarna alsnog als ruwvoer te benutten, creëren we twee waardevolle stromen uit één grondstof en dezelfde oppervlakte. Dat verhoogt de voedselproductie per hectare gras (tot wel 2.5x meer!), vermindert de afhankelijkheid van geïmporteerd eiwit zoals soja (meer voedselautonomie), en verlaagt de stikstofuitstoot van de melkveehouderij — een sluitende, lokale kringloop tussen bodem, gewas en voedingsketen.
Welke impact verwacht je dat dit project zal hebben?
Door lokaal geproduceerd plantaardig eiwit beschikbaar te maken voor petfood en food, verminderen we de afhankelijkheid van geïmporteerde eiwitbronnen en verlagen we de klimaatvoetafdruk van diervoeding en voeding. Daarnaast levert het gebruik van grasvezel als ruwvoer een directe stikstofreductie op bij melkveehouders — een tastbare, meetbare klimaatwinst die vandaag al te realiseren is naast de eiwitwinning op de lange termijn. En de schaalbaarheid is hoog: Nederland bestaat voor een groot gedeelte uit gecultiveerd grasland en als we 40% daarvan zouden verwerken, dan is er geen mestoverschot meer en is de stikstofbalans weer in evenwicht. Bij 60% verwerking produceren we genoeg graseiwit om de hele Nederlandse import van soja (voor lokaal gebruik) te vervangen.
Waar sta je op dit moment? Welke impact heb je al gerealiseerd?
Grassa is voortgekomen uit onderzoek verbonden aan Wageningen University & Research en heeft inmiddels een operationele demonstratie-graspers in Kootwijkerbroek, die circa 30 ton gras per dag kan verwerken. We hebben al plantaardig eiwit en FOS uit gras geproduceerd en zijn in gesprek met melkveehouders en partijen in de petfood- en foodsector om de toepassingen te valideren en op te schalen. Tevens zijn we op zoek naar investeerders voor onze verwerkingsfabriek. Ons werk is eerder bekroond met de Duurzame Dinsdag prijs (sep 2025) en de Transition Award (juni 2026) van Change Inc.
Waar zit volgens jou de innovatie van je project?
De innovatie zit erin dat we gras niet langer alleen als ruwvoer zien, maar ook als grondstof voor lokale, duurzame en hoogwaardige ingrediënten voor mens en dier, terwijl de grasvezel alsnog zijn oorspronkelijke functie als ruwvoer vervult, met een aantoonbaar duurzaamheidsvoordeel (minder stikstofuitstoot). Daarmee benutten we de volledige potentie van een grondstof die in Nederland overvloedig en jaarrond beschikbaar is, zonder concurrentie met voedselgewassen of extra landgebruik.
Waar ga je het geld voor gebruiken?
We zetten het prijzengeld in voor marktontwikkeling in de petfood- en foodsector: het valideren van onze ingrediënten met potentiële afnemers, het opzetten van proefformuleringen en samples, en het versnellen van commerciële partnerships om Grassa’s plantaardig eiwit en FOS breder toepasbaar te maken buiten diervoeding.